Waarom ketensamenwerking in de bouw mijn belangstelling trok

1200 woorden, 4 – 6 minuten lezen

people coffee meeting team

Ketensamenwerking in de bouw. Als ik mensen vertel wat ik bestudeer, vraag ik mezelf soms ook af hoe ik hier in ben gerold.

In deze blog sta ik stil bij mijn persoonlijke drijfveren om te doen wat ik doe:

blogs schrijven over ketensamenwerking en circulair bouwen. 

Tot nu toe heb ik weinig over de echte inhoud van mijn proefschrift gedeeld in mijn blogs.

Alles wat ik schreef ging over het werk van andere wetenschappers. Al die blogs hebben qua onderwerp met mijn proefschrift te maken, maar het is niet mijn verhaal.

Ondertussen krijg ik wel veel vragen en verzoeken. Een vraag die ik gesteld krijg is of mijn proefschrift niet in het Nederlands is (nee). Een andere vraag is of er een samenvatting is (ja, in het proefschrift zelf). Mijn proefschrift kun je trouwens hier downloaden.

Al die vragen bij elkaar doet mij vermoeden dat niet veel mensen het hebben gelezen. Dat is niet erg. Ik snap het wel. Het is een lang verhaal, in een raar wetenschappelijk Engels taaltje, met allerlei details. Je moet er maar zin in hebben.

De komende tijd zal ik in deze blogs meer over mijn eigen onderzoek schrijven. Ik vertaal mijn proefschrift in hapklare brokken die voor iedereen leesbaar zijn.

In dit eerste deel vertel ik eerst hoe ik zover gekomen ben om überhaupt aan een proefschrift te beginnen. Het is de proloog op pagina 5 t/m 7 en dit gaat verder op pagina 77 t/m 79.

Waarom het voor iedereen belangrijk is om transparant te zijn over je drijfveren

Als je mijn blogs een beetje volgt, dan heb je misschien door dat ik niet geloof in een enige echte waarheid die we zonder verdere twijfels kunnen kennen. Alles wat wij beschouwen als waarheid is maar een tijdelijke afspraak tussen mensen. En die tijdelijke afspraken kunnen we maar deels kennen. Kennis die wij hebben is altijd gekleurd door beperkingen in het brein en zintuigen, en afhankelijk van de tijd, plaats en cultuur waarin wij leven.

Als mens ben je constant bezig om de situatie waarin je zit te interpreteren.

Al mijn onderzoek (en dat van mijn collega’s) is onze interpretatie van de waarheid.

Daarom is het belangrijk dat je een beetje achtergrondkennis hebt van degene die de waarheid probeert te interpreteren. Immers, die interpretatie hangt deels af van mijn achtergrond. Als mensen die opgeleid zijn als psycholoog zullen de waarheid anders interpreteren dan mensen die opgeleid zijn als bijvoorbeeld techneut, filosoof, leraar, geograaf, Neerlandicus. Afijn, je snapt het wel!

Hoe ik ertoe ben gekomen om een proefschrift over ketensamenwerking te schrijven

‘Je onderzoeksvraag is je levensvraag’.

Dat zei mijn afstudeerbegeleider toen ik in 2007 afstudeerde. Nog steeds gebruik ik deze stelling bij mijn afstudeerders aan de Hogeschool. Je doet een (promotie)onderzoek niet alleen vanwege de praktische en theoretische relevantie. Als je als onderzoeker je motivatie deelt, dan kan de lezer het onderzoek beter in de context plaatsen.

Dit geldt trouwens niet alleen voor onderzoekers.

Het is voor iedereen interessant om af en toe stil te staan wat je persoonlijke drijfveren zijn om het werk te doen dat je doet.

Mijn proefschrift gaat over praktijkervaringen met ketensamenwerking van projectleiders binnen Nederlandse woningcorporaties.

Model voor het creëren van een vastgoedportfolio met mensen

Mijn eerste ervaring met onderzoek doen was tijdens het schrijven van mijn afstudeerscriptie. Het onderzoek ging over beslissingen die mensen nemen bij het maken van een huisvestingsstrategie voor bedrijven die ervaringen verkopen (in plaats van alleen producten). Het resultaat was een model voor het creëren van een vastgoedportfolio met mensen. Het model bestond uit drie componenten: ‘zoek met je netwerk naar waarden die je deelt’, ‘zie het gedrag van anderen als spiegel voor jezelf’, en ‘cultuur is gecreëerd door mensen’. Figuur 1 visualiseert dit model.

MCVMM
Figuur 1: Model voor het creëren van een vastgoedportfolio met mensen. Uit mijn afstudeerscriptie dat je HIER kunt downloaden.

De structuur van wetenschappelijke revoluties

Ik vond het leuk om die scriptie te schrijven, maar ergens zat er in mijn hoofd dat ik na mijn studie een echte zakenvrouw zou worden. Ik ging dus niet verder met onderzoek. Ik kwam terecht bij een grote vastgoedontwikkelaar, waar ik een junior-functie vervulde. Al snel kwam ik erachter dat dit helemaal niet iets was wat bij mij paste!

Wetenschapsfilosofie

Daarom ging ik naast mijn werk filosofie studeren. Deze studie heb ik nooit weten af te maken, maar ik heb interessante vakken gevolgd.

Het meest interessant vond ik wetenschapsfilosofie. Met name het werk van Kuhn ‘de structuur van wetenschappelijke revoluties’ heeft me aan het denken gezet over wat wetenschap precies is (een sociaal geconstrueerd bolwerk, dat leunt op de (on)mogelijkheden van taal) en welke waarde we moeten hechten aan kennis (een tijdelijke overeenkomst tussen mensen over wat we als waarheid beschouwen. Die tijdelijke overeenkomst hangt aan elkaar van meningen en dingen die wij in het leven belangrijk vinden). Over ‘de structuur van wetenschappelijke revoluties’ schrijf ik later een andere blog.

Docent aan de Hogeschool Utrecht

Ondertussen veranderde ik ook van baan en ging ik bij de Hogeschool Utrecht werken als docent bij de opleiding Bouwtechnische Bedrijfskunde. Ik dacht toen nog: ‘Ik doe dit even als tussenbaan, totdat ik gevonden heb wat ik echt wil doen’. Ruim 10 jaar later werk ik er nog steeds!

Ik vond de baan en mijn collega’s boeiend. En ik (en sommige van mijn collega’s) had kritiek op de opleiding waar ik terecht kwam. We vonden bijvoorbeeld dat er wat weinig samenhang tussen alle vakken zat.

Zonder dat daar formeel een opdracht voor gegeven was, gingen we aan de slag met allerlei verbeteringen van de opleiding. Met veel energie creëerden we een plan, waarin we strategisch, tactisch- en operationeel niveau met elkaar probeerden te verbinden. We stelden een aantal waarden centraal die wij belangrijk vonden, zoals co-creatie, en proactief zijn. Dit zou gelden voor zowel studenten als docenten.

We zagen dit allemaal als een bottom-up veranderproces. Later werd dat ook erkend en ondersteund door onze teamleider.

Lectoraat Vernieuwend Vastgoedbeheer

We maakten nieuwe vakken, betrokken het werkveld erin en kozen voor een nieuw didactisch model. Ook probeerden we de lectoraten (onderzoeksgroepen binnen de Hogeschool) bij onze opleiding te betrekken. Zo kwamen we terecht bij Vincent Gruis, die  lector was van het lectoraat Vernieuwend Vastgoedbeheer. Vincent zou later mijn promotor worden. De samenwerking verliep goed.

Gelijkenissen tussen opleidingsveranderingen en ketensamenwerking

We zagen ook al gauw een verband tussen de dingen die wij aan het doen waren binnen de Hogeschool, en de ontwikkelingen die bezig waren rondom ketensamenwerking in de bouw. Ook daar ging het om allerlei zachte aspecten, zoals proactief zijn en co-creatie. Zo ontstond het idee om te kijken naar hoe mensen in de bouw daar vorm aan geven. Aangezien de Hogeschool docenten stimuleert om te gaan promoveren, besloot ik dat traject in te gaan.

Hoe ons bottom-up veranderproces eindigde

Zo was ik dus bezig met ons bottom-up veranderproces en met mijn onderzoek naar praktijkervaringen met ketensamenwerking bij Nederlandse woningcorporaties.

Ondertussen stuitte ons bottom-up veranderplan op behoorlijk wat weerstand. Een deel van die weerstand kwam bijvoorbeeld vanuit de studenten. Klachten gingen over te lange dagen die ingeroosterd ware en dat er te weinig fijne werkplekken waren om te studeren. Er zaten ook behoorlijk wat kinderziektes in ons lesprogramma. En we hadden ons ook verkeken op het nakijkwerk dat het voor ons opleverde.

We moesten onze oorspronkelijke plan aanpassen. Eerlijk is eerlijk: ik vond het moeilijk om de plannen waar we zo hard aan hadden gewerkt aan te passen. Het was ons kindje.

Na een jaar van vallen en opstaan, en zo goed mogelijk proberen om te gaan met alle klachten, keek ik terug op een opleiding die er heel anders uitzag dan we in eerste instantie hadden bedacht. Het jaar van implementatie was een soort onderhandelingsproces tussen de docenten, studenten, mensen uit het werkveld, stafdiensten, lectoraten, en alle andere betrokken mensen.

Complexiteit van Stacey

Het was de eerste keer dat ik had ervaren dat organiseren bestaat uit een continu proces van acties en reacties tussen alle betrokken mensen. Het werk van Stacey heeft me later woorden gegeven om dat beter te omschrijven. 

De opleiding had niet haar vorm gekregen door het plan dat we hadden bedacht, maar door het proces dat volgde op dat plan. Het grootste nut van ons oorspronkelijk plan was dat het dingen in beweging heeft gebracht. Het is al het ware de openingszet van een langdurig schaakspel.

Zo raakte ik dus ook steeds meer geïnteresseerd in de complexiteitstheorie van Stacey, die later ook een belangrijke rol zou spelen in mijn proefschrift. (zie bijvoorbeeld mijn blogs ‘Het leven is wat je gebeurt, terwijl anderen plannen voor je maken’ en ‘complexiteit simpel uitgelegd’).

Zes jaar later…

Overigens zijn we 6 jaar verder, en bestaat de hele opleiding waar dit over gaat niet meer! We zijn gefuseerd, en een brede bachelor in de bouw geworden. Zo zie je maar, alle patronen die in interactie met andere mensen ontstaan zijn maar tijdelijk.

‘Je onderzoeksvraag is je levensvraag’

Natuurlijk is je onderzoeksvraag niet letterlijk je levensvraag.

Maar, als ik mijn werk overzie, dan zie ik telkens de volgende thema’s terugkomen:

  • Hoe werken mensen samen om de wereld een beetje mooier te maken?
  • Wat is de zin van datgene dat mensen doen?
  • Welke drijfveren zitten er onder alle acties die mensen ondernemen in hun werk?

(Overigens denk ik niet dat er een verschil zit tussen de mens op het werk en de mens privé!)

Tenslotte

Goed, nu weet je meer over mijn persoonlijke drijfveren om praktijkervaringen met ketensamenwerking bij Nederlandse woningcorporaties te onderzoeken.

Volgende keer vertel ik meer over de inhoudelijke aanleiding en relevantie van het onderzoeken van praktijkervaringen met ketensamenwerking.

Waarom was het nodig om die praktijkervaringen met ketensamenwerking te onderzoeken?

BRONNEN:

  • Kuhn, T.S., (2012). The structure of Scientific Revolutions. With an introductory Essay by Ian Hacking. Chicago, the University Press.
  • Stacey, R.D., (2011). Strategic Management and Organisational Dynamics, The Challenge of Complexity. London: Pearson.
  • Venselaar, M., (2007). Het creëren van een vastgoedportfolio in de beleveniseconomie over een mogelijke toekomst van vastgoedmanagement. Afstudeerscriptie MSc Management in the Built Environment (voorheen RE-H). Download hier.
  • Venselaar, M., (2017). Work Floor Experiences of Supply Chain Partnering in the Dutch Housing Sector. Delft, Architecture and the Built Environment. Download hier.

Doe mee met de conversatie

1 reactie

Plaats een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: