Model om het gebruik van een woongebouw te monitoren.

PICON 2
Figuur 1: Als je heel veel informatie weet over hoe gebruikers een gebouw gebruiken, kun je daar je ontwerp voor nieuwbouw of renovatie op aanpassen. (Bron: Picon et al., 2013).

Volgens Picon en een aantal van haar Franse collega’s spelen gebruik en gedrag een cruciale rol in energieconsumptie en dus ook in duurzaam bouwen en circulair bouwen. Met name in de gebruiksfase van een gebouw hebben de gebruikers een grote impact op het energieverbruik. De gebruiksfase kan soms wel 50 jaar duren, en als je in die 50 jaar energiezuinig kunt omgaan met het gebouw kun je daarmee bij elkaar opgeteld veel energie besparen. Maar dat gebruik en gedrag wordt eigenlijk nog heel slecht begrepen, en kan in vergelijkbare gebouwen toch sterk verschillen.

De Franse onderzoekers van dit artikel hebben daarvoor iets uitgevonden, namelijk een model om het energieverbruik in de gebruiksfase met als doel om de energieconsumptie en gedragspatronen te detecteren.

Het model genereert dus hoeveel energie de gebouwen verbruiken, en welke gedragspatronen daaraan ten grondslag liggen. Deze informatie kan uiteindelijk gebruikt worden voor het ontwerpen van nieuwe gebouwen of het renoveren van bestaande gebouwen.

Het model

Het model dat Picon en haar onderzoeksgroep voorstelt is niet zo’n heel rationeel computermodel dat alleen maar uit cijfers bestaat. Anderzijds is het model ook niet alleen maar gebaseerd op hoe gebruikers denken dat zij het gebouw gebruiken. Immers, meten is toch ook wel weten, aldus de onderzoekers van dit artikel.

Daarom zijn de onderzoekers bij het ontwerpen van hun model in een continue interactie verwikkeld met hun de gebruikers van gebouwen die ze onderzoeken, gebouwexperts en ontwerpers. Deze drie partijen werken eigenlijk continu samen. Er worden slimme meters geplaatst, en er komt (via een tablet) een interface waar alle drie partijen informatie in kunnen stoppen OF informatie kunnen aanvragen die de andere partijen (meestal natuurlijk de gebruikers dus) dan moeten leveren. Het bijzonder hieraan is dat de gebruikers die betrokken zijn in dit onderzoek, een actieve rol in dit onderzoek hebben. Ze geven bijvoorbeeld zelf ook aan wat voor de onderzoekers interessante informatie kan zijn om hun model vorm te geven.

Figuur 2 laat schematisch zien hoe het model werkt.

PICON_AFBEELDING
Figuur 2: Model waarin het gebruik van een wooncomplex telkens gemonitord wordt. BRON: Picon et al., 2013.

Gebruik van het model

Figuur 1 laat informatie zien die het model van Picon zou kunnen genereren. Dat de informatie van die dit model genereert bruikbaar is voor ontwerpers van nieuwe gebouwen of renovaties van bestaande gebouwen, moge duidelijk zijn. Wanneer we weten waar, wanneer, en waarom er bepaalde energielekken zijn, kan een ontwerper daarvoor een slimme oplossing verzinnen.

Als jij je bewust bent dat bijvoorbeeld je wasmachine het meeste stroom gebruikt in huis, dan ga je waarschijnlijk vanzelf veel zuiniger om en draai je wat minder en vollere wasjes op een lagere temperatuur. Als een architect weet dat er veel energie wordt verspild met verlichting, kan de architect zorgen voor een slim lichtplan met automatische schakelaars. Of als de architect weet dat de gebruiker domweg vergeet de lichten uit te doen, kan de architect iets ontwerpen om de gebruiker te helpen herinneren hieraan.

BRON: Picon, L., Yannou, B., Zaraket, T., Minel, S., Bertoluci, G., Cluzel, F., & Farel, R. (2013). Use-phase memory: A tool for the sustainable construction and renovation of residential buildings. Automation in construction36, 53-70.

Plaats een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: